PK Model Racing is vanaf 1 November GESLOTEN  klik hier voor meer info 

Menu

BORSTELLOZE MOTOREN EN REGELAARS UITGELEGD

BRUSHLESS MOTORHUIS 2 POLIGbrushless motor huisEen brushless of borstelloze motor is een motor welke zonder koolborstels werkt. De wikkelingen zitten in het huis, en de magneten zitten op de ronddraaiende as (rotor) gemonteerd. (Kan ook andersom, maar dat wordt alleen in vliegtuigen gebruikt en wordt dan een "buitenloper" genoemd)
Omdat zo'n motor dus geen koolborstels en geen collector heeft, moet de motor aangestuurd worden door een speciale regelaar, die er voor zorgt dat spoelen in de motor (velden) precies op het juiste moment stroom krijgen, zodat de magneten van de rotor op het goede moment aangetrokken of afgestoten worden.

Een borstelloze motor kan dus niet gebruikt worden met een normale regelaar, daarom moet je om er mee te beginnen altijd een complete set bestaande uit motor en regelaar kopen! Als je eenmaal een set hebt, kun je later wel los een andere motor en of een andere regelaar kopen. Omgekeerd kunnen de meeste regelaars voor een borstelloze motor wel gebruikt worden met een normale motor.ROTO van brushless motor

Veel brushless regelaars hebben als optie dat je kunt kiezen of je de achteruit functie wel of niet wilt gebruiken.
Dit in verband met het feit dat bij sommige wedstrijden een achteruit verboden is.
Omdat de elektronische werking van een borstelloze regelaar heel anders is dan van een normale regelaar, maakt het voor de prestatie van dit soort regelaars niet uit of er wel of niet een achteruit op zit, waar dit bij traditiobnrushless regelaar en motornele regelaars een enorm verschil is. De voor- en de achteruit maken gebruik van dezelfde eindtrap, alleen de pulsvolgorde wordt omgekeerd. Wel of geen achteruit heeft dus bij een borstelloze regelaar geen enkele invloed op de prestaties van de regelaar

Verder zijn er vaak verschillende programma's waar je uit kunt kiezen, en waarmee de motor het karakter krijgt van een rustige standaard tot een super snelle modified motor. Ook hebben de moderne regelaars een lipo programma ingebouwd. Lipo's mogen nl.. nooit diep ontladen worden, en de regelaar schakelt zichzelf of naar een lagere vermogen of zelfs helemaal uit indien nodig als de spanning een kritische ondergrens dreigt te bereiken.

Een van de grootste voordelen van een borstelloze motor is dat er vrijwel geen slijtage of veroudering optreedt. Een motor met koolborstels loopt iedere keer dat je hem gebruikt, een klein stukje in prestatie terug. Hij loopt dus alleen maximaal als de borstels en de collector als nieuw zijn!brushless motor
Een borstelloze motor heeft dit niet, zoals hij nu loopt, loopt hij in principe na 500 keer rijden nog net zo. Je hoeft dus geen koolborstels te vervangen, geen collector af te draaien, geen draaibank te hebben om je motoren in goede conditie te houden. Alleen maar af en toe schoonmaken en de lagers oliën.

Bovendien is de efficiency van dit soort motoren beter, hij loopt dus langer op een accu lading dan een motor met koolborstels met een vergelijkbare prestatie

Zoals gezegd wordt een borstelloze motor op een speciale manier aangestuurd, waarbij de regelaar de 3 spoelen precies op de juiste manier en frequentie aan moet sturen zodat ze de magneet van de rotor op het juiste moment aantrekken of aanstoten, zodat de rotor draait. Hoe meer toeren de motor maakt, hoe sneller de regelaar de spoelen moet aansturen. De regelaar moet dus op elk moment "weten" in welke positie de rotor staat t.o.v. de spoelen.
Dat kan op twee manieren:

SENSORLOZE MOTOR

brushless motorbrushless motor, 3 spoelenZodra een borstelloze motor draait, verandert de langskomende magneet de stroom door de spoel iets (simpel gezegd), en dat gegeven kan de regelaar gebruiken om te bepalen waar de magneet zich bevindt en dus ook hoe de spoel op dat moment aangestuurd moet worden. Dit proces noemt men sensorloos. Het voordeel is dat dit systeem heel erg efficiënt is, en hele hoge toerentallen en grote vermogens kan leveren.
Het nadeel was tot voor kort, dat de motor al "even" moet draaien voor de regelaar voor de regelaar de motor optimaal aan kan sturen. In boten en vliegtuigen was dat geen probleem: als je de motor start kwam het voor dat de motor eerst even aarzelend ging draaien, en zelfs even de verkeerde kant op ging draaien, voor alles goed ging. In boten en vliegtuigen kan een elektro motor eerst op toeren komen, voor de schroef energie gaat vragen, en blijft daarna vrijwel altijd dezelfde kant op draaien.
Bij auto's moet voor elke beweging die de motor wil maken, de hele auto direct mee verplaatst worden. Auto's moeten bovendien snel accelereren, hard remmen, en weer van stilstand of lage snelheid weg trekken.
De eerste sensorloze motoren hadden hier problemen mee, dus dit vroeg toch om een andere benadering.
Motoren zonder sensor worden alleen maar met 3 dikke stroomdraden op de regelaar aangesloten

MOTOR MET SENSOR

brushless motor en regelaarhal sensorOm het startprobleem bij auto's op te lossen werd speciaal hiervoor een motor/regelaar systeem ontwikkeld met 3 ingebouwde HAL sensoren, die aan de regelaar doorgeven in welke stand het anker staat en in welke richting hij draait. Dit geeft een minder aarzelend wegrijden en een hoger koppel op lage toeren t.o.v. de eerste generatie borstelloze regelaars. Het feit dat motoren met sensor een wat lagere efficiency hebben dan sensorloze motoren, en minder topsnelheid, werd ruimschoots goed gemaakt door de betere rijeigenschappen. Deze motoren worden op de regelaar aangesloten met de gebruikelijke 3 dikke stroomdraden, plus met een 5 of 6 aderige dunne bedrading met stekker voor de sensoren.

2e GENERATIE SENSORLOZE MOTOR/REGELAAR COMBINATIE

brushless regelaarbrushless motorDe techniek heeft echter niet stil gestaan, en sinds een tijd is nu een tweede generatie regelaars op de markt die motoren zonder sensor door een veel nauwkeuriger meettechniek zeker zo probleemloos zonder aarzelen laten wegrijden, een gelijkwaardige acceleratie vanuit lage toeren geven als een motor met sensor, gebruiken, maar dit dus koppelen aan de hogere efficiency en hogere topsnelheid van een sensorloze motor. En zeker voor de recreatie rijder minder gecompliceerd is in gebruik, en minder storingsgevoelig is

Dit is mogelijk gemaakt door een speciaal ontwikkelde chip en bijpassende software.
Het resultaat is inderdaad verbluffend als je de oude generatie sensorloze motoren kent!

99% van de brushless motoren en regelaars die wereldwijd gebruikt worden zijn dan ook sensorloos, alleen voor wedstrijdrijders zijn motoren met sensor vaak reglementair verplicht, daarmee is nl makkelijker in de hand te houden dat er niet gesjoemeld wordt met de reglementen

2 en 4 polige motor

4 polige brushless motorEen basis brushless motor heeft een huis met 3 spoelen (velden) en een ronddraaiende rotor met 2 polen :1 magnetische Noord en 1 magnetische Zuidpool. Bij dit soort motoren wordt eigenlijk nooit over aantal polen gesproken, en vaak wordt het aantal wikkelingen van de 3 spoelen opgegeven als een bepaald aantal wikkelingen.of turns (8T, 10.5T etc)

Steeds meer gebruikt zijn echter 4 polige motoren, deze hebben 6 velden en een rotor met 2 noord en 2 zuidpolen. Hier wordt altijd bij vermeld 4 polig, en als er over wikkelingen gesproken wordt, is dat iets als 2Y, 2.5Y, 3.Y etc.

Bij een tweepolige motor liggen de velden 120 graden uit elkaar, bij een 4 polige motoren is dat maar 60 graden. 4 polige motoren lopen smeuïger en hebben een hoger rendement dan 2 polige motoren, en ook onder zware belasting worden ze minder heet.2-4 polige brushless motor


links op de foto de wikkelingen van een 4 polige motor.

rechts de schematische voorstelling van een 2 en een 4 polige motor

MOTOR MAAT

Yuki brushless regelaar en motor setbrushless motor Zwaardere off road auto's, zoals 4WD buggies, maar zeker 4WD Trucks en Short Course Trucks, vragen om een sterkere motor dan een normale 540 type motor.
De aanduiding 540 komt eigenlijk uit de tijd van de koolborstel motoren, en staat voor een motorhuis met een diameter van 36mm, en een lengte van 50mm.
Als je te veel vermogen uit zo'n motor probeert te persen voor zo'n zwaardere 4WD off-road, worden ze erg heet, onder andere omdat ze eigenlijk trekkracht (koppel) te kort komen en moet je de motor daarom hele hoge toeren laten draaien.

Het is dan beter een langere motor te gebruiken (vaak ook vanuit het koolborstel-tijdperk 550 type genoemd). Zo'n motor heeft ook de standaard diameter van 36mm, maar is 60mm lang.
Hoewel het huis maar 10mm langer is dan van een standaard motor, is de rotor een 40% langer. Daar komt het veel grotere koppel en de betere werkingsgraad vandaan, waardoor deze motoren zoveel power kunnen leveren zonder dat ze te heet worden.

Op de afbeelding rechts kun je zien dat een grotere lengte vrijwel volledig ten goede komt aan een langere magneet en een langere spoel, de ruimtes A en B die nodig zijn voor de constructie van de motor blijven in lengte gelijk.

De motoras is meestal ook aangepast aan dit hogere koppel, en is dan 5mm dik ( standaard 3.15mm)
Deze motoren vragen om een regelaar met een rating van 120A, 2 x zo sterk als de gemiddelde 1/10 regelaar

KV GETAL

Het volgende verhaal over kv getal is eigenlijk bijzonder gecompliceerd, er komen allerlei zaken bij kijken als cosinus phi, slip, wervelstromen etc. Om het voor normale mensen begrijpbaar te houden, laten we dat allemaal weg, en zullen we uitleggen wat de basis is, en hoe je er wat mee kan doen. Voor degene die echt alles over motoren weten: ja, bepaalde dingen gaan we dus niet op in om het verhaal begrijpbaar te houden!

Bij brushless motoren wordt vaak een KV getal vermeld. Dat getal staat voor het aantal toeren wat een motor maakt per volt voedingsspanning.
4000kv wil dus zeggen dat zo'n motor bij een nominale spanning van 7.4 volt de motor 7.4 x 4000 = 29.600 toeren per minuut wil maken.
Theoretisch is het dus zo dat hoe hoger het kv getal, des te sneller de motor zal zijn. Maar dat gaat alleen op voor motoren die een gelijke constructie en afmeting hebben, en daarmee een vrijwel gelijk koppel. Vermogen is koppel maal toerental, en van motoren met een gelijk koppel (trekkracht) kun je dus verwachten dat een hoger toerental ook een hoger vermogen geeft.
Maar er zijn nog meer zaken die bepalend zijn voor  het vermogen van een motor: dat begint al bij het materiaal van de magneet: hoe sterker de magneet, hoe hoger het koppel.  Ook de spleet tussen de magneet en de spoel heeft invloed op het koppel. Maar ook: hoe langer een magneet ( en de bijbehorende spoel), des te hoger het koppel, en ook hoe dikker een motor is, hoe meer koppel hij heeft.
Het resultaat is dat een 4000 kv motor van het 540 type (36mm dik, 50mm lang) zoals in een 1/10 gebruikelijk is, sterker en sneller zal zijn dan een 3450kv motor van hetzelfde type.
maar als je hem vergelijkt met een 2000 kv motor zoals in een 1/8 gebruikelijk is (36-40mm dik, 65 - 75mm lang), heeft die motor zo enorm veel koppel, dat ondanks zijn lagere KV waarde, hij veel sterker is.

Een ander aspect waar je rekening mee moet houden, is buiten het model auto wat je hebt en hoeveel vermogen die aan kan, wat de interne reductie van de auto is en met wat voor accu je gaat rijden.
De meeste auto's zowel 1/10 als 1/8, halen een snelheid van zeg 80 km/u als de motor ongeveer 30,000 rpm maakt. Voor een 1/10 die met 2 cellen gebruikt wordt, betekent dat dus 7.4 x 4000kv = 29.600 rpm. Zou je in zo.n auto een 2000 kv motor uit een 1/8 zetten, en je hebt maar 7.4V, dan draait de motor maat 15.000 toeren, en zit er geen meter snelheid in de auto. Dan zou je een twee maal zo groot motortandwiel moeten gebruiken, en dat past niet)
Een 2000 kv motor in een 1/8 wordt n.l. meestal met een 4 cellen accu van 14.8V gebruikt, en dan heb je weer de benodigde 30.000 rpm

indicatie kv getal motor per auto
auto 2 cellen 3 cellen 4 cellen 6 cellen
1/10 rustig (36x50mm motor) 3000 - 3800kv      
1/10 snel (36x50mm motor) 4000 - 5000kv 3500 - 4500kv    
1/10 4x4 off-road (l36x60mm motor) 3500 - 4000kv 3500 kv    
1/8 4x4 (36/40 x 65/70mm motor)   2000 - 3000kv 2000-2600kv 2000-2200kv

OVERBRENGINGS VERHOUDING

Een groot verschil in gebruik tussen motor/regelaar met koolborstels en borstelloze motor/regelaar combinaties is het bepalen van de juiste overbrengings verhouding.

schakeling laag frequentBij een motor/regelaar MET koolborstels is het zo dat als de regelaar te heet wordt, dat een aanduiding is dat de motor de regelaar te zwaar belast, en dat je een lichtere overbrengingsverhouding (b.v. kleiner motortandwiel) moet kiezen.
Zo'n conventionele regelaar "schakelt" op een vaste frequentie, waarbij bij weinig gas een korte puls gegeven wordt, en bij vol gas staat de eindtrap volledig open en schakelt hij helemaal niet meer. Zo'n regelaar wordt warm door het verlies wat er in de regelaar zit, maal de stroomsterkte (Ampère's) door de eindtrap. Als dat te hoog is, ontstaat er te veel warmte. Door dan een kleiner motortandwiel te kiezen, wordt het motortoerental hoger, en daarmee het amperage wat door de regelaar loopt lager, zodat er minder warmte in de regelaar ontstaat.

Bij regelaars voor borstelloze motoren ligt dat anders, wat komt door een wezenlijk verschil in motor aansturing.

frequentie schakelingBij een borstelloze regelaar wordt de snelheid van de motor bepaald door de frequentie waarin de spoelen aangestuurd worden. Bij lage toeren hoeft een regelaar dus weinig te pulsen, maar hoe hoger het toerental wordt, hoe vaker de regelaar moet pulsen. Bij de standaard motoren met 3 spoelen en 2 polige magneet, moet de regelaar 6 x per omwenteling schakelen. Bij 1000 toeren dus 6000 maal per minuut, bij 50.000 toeren per minuut dus 300.000 per minuut oftewel 5000 keer per seconde. Per puls ontstaat er een klein beetje verlies in de eindtrap wat op zijn beurt warmte genereert. Hoe hoger het toerental van de motor dus is, hoe vaker de regelaar moet schakelen en des te warmer de eindtrap zal worden. Natuurlijk speelt de motor belasting ook mee met het warmer worden van de regelaar. Het bepalen van de overbrengingsverhouding moet dus na een testrit bepaald worden door zowel de temperatuur van de motor als die van de regelaar in acht te nemen.

  • Als de motor niet erg heet wordt, maar de regelaar wel, dan is het motortoerental te hoog. In dat geval moet je dus een GROTER motortandwiel monteren. Dit dus in tegenstelling van wat je zou verwachten als je een regelaar voor motoren met borstels gewend bent
  • Wordt de motor heet, maar de regelaar niet, dan wordt de motor te zwaar belast, en moet je een kleiner tandwiel monteren.
  • Worden zowel de motor als de regelaar te heet, dan is het hele systeem te zwaar belast, ook dan kun je proberen wat er gebeurt als je een kleiner motortandwiel monteert. Als zowel de motor als de regelaar dan minder warm worden, is het goed.
  • Zowel de motor als de regelaar mogen beslist niet warmer worden dan 100 graden Celsius, maar minder is aan te bevelen.
    80 graden is wel aanvaardbaar.

FUNCTIES

brushless motor en regelaar setDe huidige borstelloze regelaars zijn vaak rond dezelfde chipset opgebouwd, en hebben vele instel en aanpassings mogelijkheden.

Dat begint al met het wel of niet willen hebben van een achteruit functie. Bij regelaars voor motoren MET koolborstels, moet het vooruit circuit aangepast worden om achteruit te kunnen, en dat brengt een behoorlijk extra verlies mee, ook als je alleen maar vooruit rijdt. Als je met zon regelaar voor gebruik met koolborstelmotoren de achteruit al uit kan schakelen, wordt het verlies in de vooruit daar niet kleiner mee.
Bij regelaars voor borstelloze motoren werkt dat heel anders, de motor draait links of rechtsom door de volgorde waarin de spoelen aangestuurd worden om te keren. Elke regelaar voor borstelloze motoren kan dus zowel vooruit of achteruit draaien, zonder dat dat invloed heeft op de efficiency van de regelaar. Er zijn een paar regelaar waar deze softwarematige draairichting-omkering niet aangeroepen kan worden, maar bij 99.9% van de regelaars kan dat dus altijd. Maar omdat voor wedstrijd gebruik het soms niet toegestaan is, en het in sommige heel speciale toepassingen het wel eens handiger kan zijn dat de achteruit niet kan werken, is de achteruit-functie vaak aan of uit te zetten

Andere Instelmogelijkheden zijn:programmeer kast

  • Beperken van het maximale vermogen in de achteruit, zodat de auto niet overdreven hard achteruit schiet als je achteruit wilt
  • LiPo accu's mogen niet verder dan 3.0V per cel ontladen worden. Je kunt vaak instellen of je met NiMh's rijdt ( dan geen spanningsbewaking) of met 2 of 3 cellen LiPo accu's. In het laatste geval neemt de regelaar vermogen terug zodra de ondergrens van de accu's bereikt dreigt te worden, of stopt zelfs helemaal als de accu's te ver leeg raken.
  • De Punch (agressiviteit van acceleratie) is ook aan te passen aan de omstandigheden. Borstelloze motoren zijn vaak zo sterk, dat het in bepaalde gevallen wel eens te veel kan zijn. Door de Punch terug te stellen, is de motor minder bruut en trekt rustiger op.
  • De rem is vaak op 2 manieren in te stellen: op de eerste plaats kun je dan de maximale remwerking verminderen, om meer controle over de auto te houden. Vaak ook kun je minimale rem instellen, dus de mate waarin hij remt zodra je de rem gebruikt.
  • Vaak is de z.g. dead band van de regelaar aan te passen, dus het gebied rond de neutraal waarin de regelaar nog niets doet. Daarmee kun je bv voorkomen dat de auto al wegrijdt als je maar naar de trekker kijkt
  • Soms is het mogelijk de timing van de motor in te stellen. Meer timing geeft meer snelheid, minder timing iets meer rust en een lager stroomverbruik.

Overigens hoef je om er mee te beginnen vaak te doen, de regelaar aansluiten en rijden is ook genoeg. De meeste regelaars stellen zich automatisch in op de zender zodra de regelaar aangezet wordt, de standaard set-up van een gewone regelaar voor motoren met koolborstels is vaak niet eens nodig dus.

In veel gevallen moet je de regelaar programmeren door op een knopje te drukken, en dan een bepaalde sequens van knopje indrukken, lampje wat gaat branden, piepjes tellen etc. Dat kan nog wel eens lastig zijn, je moet alles precies op de juiste manier doen, en een vergissing betekent overnieuw beginnen.

Steeds meer regelaars echter worden met een z.g. programmeer kaart geleverd. Dat wordt wel een KAART genoemd, maar dat is eigenlijk niet de juiste benaming: het is meestal een klein kastje met drukknoppen en een lcd schermpje. Dat wordt aangesloten op de regelaar, en daarmee kun je alle functies heel makkelijk oproepen en aanpassen. Dus geen getob met boekjes lezen, piepjes tellen, weer overnieuw beginnen, maar gewoon door het menuutje lopen en de functie uitzoeken die je wilt, en dan de waarde veranderen. Om dat allemaal in te stellen hoef je dan dus geen geleerde te zijn, de programmeer unit wijst je vanzelf de weg!

 WERKING PROGRAMMEER KAART

Onderstaand een voorbeeld van de werking en mogelijkheden van een programmeerkaart, in dit geval de ZRW V2
De meeste kastjes, ook van andere merken werken min of meer net zo, alleen kan de volgorde anders zijn

aansluiting programmeerkaart brushless regelaarDe kabel die van de regelaar naar de ontvanger loopt, moet aan de zijkant van de programmeerkaart gedaan worden.

Daar zitten twee openingen, een waar alleen + en - bij staat, en een tweede waar ook weer + en - staat, maar ook een golf tekentje (lijkt op Ω of Π)

De stekker van de regelaar moet in het gat waar het extra teken bij staat, en wel zo dat de zwarte (of bruine) op de - komt, de rode in het midden en de witte ( of oranje) op het puls tekentje.

De regelaar moet wel aan de accu aangesloten zijn, motor hoeft niet maar mag wel.
Als je geen stroom op de regelaar hebt, of een regelaar zonder BEC = ontvangerstroom verzorging, kun je een andere accu van 4.8 - 6V op de tweede aansluiting met alleen plus en min aansluiten om de kast toch te laten werken

Als je nu de regelaar aan zet, gaan de displays op de programmeerkaart branden.

programmeerkaart van brushless regelaarIn het linker vakje brandt een nummer, dat is het nummer van de functie. Het rechter display toont ook een nummer, dat is het nummer van de ingestelde waarde van die functie.

Als je op menu drukt, wordt de volgende functie getoond, als je op value drukt, verandert het nummer van de ingestelde waarde, met OK leg je een nieuwe ingestelde waarde vast, en met reset wordt alles weer op de fabrieksinstelling ingesteld.

De functies staan op de stikker op het kastje, de volgorde kan anders zijn als wat hierna staat, maar dat maakt niet zoveel uit.

Functie 1 = spannings beveiliging
Waarde 1 = onderspanning 2.6V/cell etc, > Als je 2 cellen lipo's gebruikt kies je normaal gesproken voor waarde 3 = 3.0V/cell. Bij een 3 of 4 cellen lipo raden we aan een buzzer te gebruiken, maar zeker als je die niet hebt, kies dan voor de hoogste waarde als ondergrens
Waarde 6 = geen onderspanningsbewaking > dit wordt alleen ingesteld als je NiMh accu's gebruikt

Functie 2 = Running mode
Waarde 1 = vooruit en rem, geen achteruit > normaal alleen voor competitie gebruik
Waarde 2 = Vooruit - rem en achteruit > meest gebruikt
Waarde 3 is vooruit-achteruit zonder rem, > nooit gebruiken tenzij je een crawler hebt

Functie 3 = motor timing
Waarde 1 = very low
Waarde 5 = very high > normaal is 3, hoe hoger het nummer, des te harder loopt de auto, maar ook des te groter de belasting op auto, accu en regelaar

Functie 4 = acceleratie
Waarde 1 = low = rustig,
Waarde 4 = maximaal, > 2 of 3 is normaal, ook hier weer hoe hoger het nummer, des te groter de belasting op alles.

Functie 5 = achteruit-snelheid
Waarde 1 = heel langzaam, waarde 9 = max. > Normaal is waarde 4, achteruit hoef je niet zo veel vermogen te hebben

Functie 6 = beperking gas-stand.
Waarde 1 = 0%, dus geen beperking vol gas = vol gas.
Waarde 9 = 90% beperking, dus als je vol gas geeft, geeft de regelaar maar 10% gas, daarmee komt de auto nauwelijks van zijn plaats. > normaal =1, geen beperking, tenzij je reden hebt om minder snel te willen

Functie 7 = percentage rem:
Waarde 1 = 10% rem = nauwelijks remwerking bij vol remmen op de zender
Waarde 9 = 100% rem = maximale remwerking bij vol remmen. > Vaak is dit veel te veel, en is rond de 50 a 70% remwerking voldoende, maar dat is model-motor-omstandigheden afhankelijk

Functie 8 = percentage drag brake (automatisch remmen):
Als je vanuit gas geven de trekker alleen maar los laat, gaat de auto freewheelen, en remt alleen maar af op de wrijving van motor en transmissie. Soms is dit zo weinig dat de auto maar door blijft rollen. Dan moet je dus bewust iets rem geven op de zender. Sommige vinden het prettiger om de auto bij alleen maar gas loslaten automatisch al iets meer te laten remmen dan alleen op de wrijving, Hoe hoger het percentage drag brake wat je instelt, des te harder zal de auto remmen bij alleen maar gas loslaten. Waarde 1 = geen auto rem, waarde 8 = 30% automatisch remmen

Functie 9 is draairichting motor:
Als de auto achteruit gaat bij gasgeven kun je dit omzetten, maar ook kun je twee van de drie draden tussen de motor en de regelaar verwisselen, in beide gevallen wordt de draairichting van de motor omgedraaid

Functie 10 = vrije slag.
Het stukje wat je rond de neutraal stand de gas trekker kunt bewegen zonder dat er iets gebeurd. Wordt vrijwel nooit mee gewerkt, weet niet eens wat de default stand is. Heeft alleen zin voor heel ouderwetse zenders met een vage neutraalstand die nog wel een verliep. Met een moderne zender heb je hier meestal geen omkijken naar.